Met Jezus mee aan boord | weekend 12-13 augustus

over water lopen – dekenaat Genk

Onmiddellijk hierop dwong Jezus zijn leerlingen in de boot te gaan en alvast naar de overkant te varen, terwijl Hij het volk naar huis zou zenden. Toen Hij het volk had weggezonden, ging Hij de berg op om in afzondering te bidden. De avond viel en Hij was daar alleen.

De boot was reeds vele stadiën uit de kust en werd geteisterd door de golven, want zij hadden tegenwind. In de vierde nachtwake kwam Hij te voet over het meer naar hen toe. Maar toen de leerlingen Hem zo over het meer zagen gaan, raakten zij van streek omdat zij een spook meenden te zien en zij begonnen van angst te schreeuwen. Maar Jezus zei onmiddellijk tot hen: “Weest gerust. Ik ben het. Vreest niet.” (Mt. 14,22-27)

Laten we dit evangelie eens herlezen als het verhaal van ieder van ons, die als christen probeert te leven.
Christen-zijn is: in een bootje stappen, je oriënteren op de woorden en waarden van het Evangelie, en daarmee koers zetten naar de overkant, in het geloof dat dit je leven zinvol en gelukkig maakt.
Dat is zo voor ieder van ons: we zijn gelovig opgevoed, en hebben ook zelf de keuze gemaakt om het geloof een plaats te geven in ons leven.

Tegenwind

Het evangelie vertelt dat ieder mens, die dit geloofsavontuur aandurft, vroeg op laat terechtkomt in een storm van duisternis en twijfel: de wind zit tegen, je raakt nog amper vooruit …
Je probeert als christen te leven, maar plots overvalt je de twijfel of je met die zachte waarden wel iets kan bereiken in deze harde wereld …
Of: je hebt je geloof proberen door te geven aan je kinderen, maar die hebben er blijkbaar geen boodschap aan.
Of: iemand van wie je veel houdt wordt ziek en lijdt en – hoe je ook bidt – het gaat van kwaad naar erger.
En het ergste is wellicht nog dit: op dat moment lijken God en Jezus eindeloos ver weg.

Jezus’ aanwezigheid

Het evangelie getuigt dat mensen net op dat dieptepunt van angst en twijfel, Jezus’ aanwezigheid hebben ervaren.
De kern van hun ervaring is: Jezus laat voelen “Ik ben er”. Dat is de godsnaam “Jahwe”: “ik zal er voor jullie zijn, altijd”. Als we dreigen te verdrinken in onze angsten en twijfels, is er zijn uitgestoken hand.
We kunnen dat ervaren in een luisterend oor van een medemens, een helpende hand, een schouderklop … of in de stilte van ons hart als we ondanks alles proberen te bidden.Hopelijk hebben wij allen ook dit reeds mogen ervaren. Want – zo besluit het evangelie – dan kan je weer verder in je leven, met Jezus mee aan boord. Dan kan je met nieuwe moed en vooral een verdiept vertrouwen je vaart doorheen het leven verder zetten …